<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xml:lang="nl">
	<title>Giegels </title>
	<subtitle>Weblog over de zin en de onzin van het (haar) Leven en de Liefde </subtitle>
        <link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/gigi.php"/>
        <link rel="self" type="application/atom+xml" href="http://www.cultuurstudio.nl/giegels-atom.xml"/>
	<updated>2010-12-30T17:01:54+01:00</updated>
	<author>
	<name>Gigi </name>
	<uri>http://www.cultuurstudio.nl/gigi.php</uri>
	<email>gigi@cultuurstudio.nl</email>
	</author>
	<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels</id>
	<generator uri="http://www.pivotlog.net" version="Pivot - 1.40.1: 'Dreadwind'">Pivot</generator>
	<rights>Copyright (c) 2010, Authors of Giegels </rights>
	
	
	
	<entry>
		<title>De Vernedering Philip Roth</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=244&amp;w=gigi" />
		<updated>2010-02-02T10:06:00+01:00</updated>
		<published>2010-02-02T10:06:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.244</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: 
5 sterren (1 lezers) | 4 sterren (2 lezers) | 3 sterren (1 lezers) | 2 sterren (0 lezers) | 1 ster (2 lezers) | geen ster (4 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.

****
Allereerst krijgt Roth vier sterren voor zijn briljante taalgebruik, dat zowel rijk als actief is en waardoor deze dunne roman (of is het een novelle of zelfs een kort verhaal?) er flink de vaart in houdt zonder in te boeten op omschrijvingen. Terwijl het verhaal vol onverwachte wendingen zit, die een minder goede schrijver zeker uitvoeriger had uitgesponnen, lijkt Roth juist te kiezen voor de kracht van beperking. Dit boek laat zich daardoor niet alleen lezen als een roman maar ook als een filmscenario, waar vast en zeker een succesvolle art house van te maken is.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=244&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: <br />
<a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>5 sterren</u></a> (1 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>4 sterren</u></a> (2 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>3 sterren</u></a> (1 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>2 sterren</u></a> (0 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>1 ster</u></a> (2 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>geen ster</u></a> (4 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.</i><br />
<br />
<b>****</b><br />
<img src="http://www.cultuurstudio.nl/images/de_vernedering.jpg" style="float:right;margin-left:10px;margin-bottom:5px;border:0px solid" title="" alt="" class="pivot-image" />Allereerst krijgt Roth vier sterren voor zijn briljante taalgebruik, dat zowel rijk als actief is en waardoor deze dunne roman (of is het een novelle of zelfs een kort verhaal?) er flink de vaart in houdt zonder in te boeten op omschrijvingen. Terwijl het verhaal vol onverwachte wendingen zit, die een minder goede schrijver zeker uitvoeriger had uitgesponnen, lijkt Roth juist te kiezen voor de kracht van beperking. Dit boek laat zich daardoor niet alleen lezen als een roman maar ook als een filmscenario, waar vast en zeker een succesvolle art house van te maken is.Hoofdpersoon Simon Axler, in de zestig en een van de belangrijkste Amerikaanse toneelacteurs van zijn generatie, is opeens zijn magie, zijn talent en zijn onbevangenheid kwijt. Falstaff, Peer Gynt, oom Vanja – al zijn grote rollen ‘smelten weg tot lucht, tot ijle lucht’. Op het podium is hij het spoor bijster, en dat is hem aan te zien. Hij is zijn vertrouwen in zijn techniek kwijtgeraakt, hij denkt dat iedereen hem uitlacht, hij is niet meer in staat iemand anders te spelen. ‘Er is iets fundamenteels weg.’ Zijn vrouw heeft hem verlaten, zijn publiek heeft hem in de steek gelaten, zijn agent kan hem niet tot een comeback bewegen. Dan krijgt hij een seksuele verhouding met de veel jongere en lesbische dochter van zijn vrienden. <br />
In het boek ook vrij veel aandacht voor de uitwerking van erotische scènes, die hier en daar misschien wat kinky zijn maar niet al te extreem of bizar. Roth is zich niet te buiten gegaan aan een overdaad aan seks, maar past die – hoewel beeldend - functioneel toe. Zijn relatie met Pegeen heeft incestueuze trekjes, en leunt zowel tegen een andere verhaallijn als dat het ondersteunend is voor het thema waarin Roth de mannelijkheid van de hoofdpersoon steeds verder vervrouwelijkt, tot een punt waarop een totale omkering en metamorfose plaats vindt. Het vocabulaire, de verhaallijnen en spanningsbogen in samenspel met mooie, herkenbare en voor een groot publiek begrijpelijk genoteerde filosofische bespiegelingen, maakt De Vernedering een prachtig boek. Het is alleen veel te dun om de leeslust werkelijk te bevredigen. <br />
<br />
ISBN10: 9023441524<br />
ISBN13: 9789023441526<br />
<a href="http://www.bol.com/nl/p/nederlandse-boeken/de-vernedering/1001004006537483/index.html#product_overview"  title="" target='_blank'>Meer informatie en bestellen</a>.
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>9 Songs</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=243&amp;w=gigi" />
		<updated>2010-01-31T14:16:00+01:00</updated>
		<published>2010-01-31T14:12:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.243</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Filmliefhebbers beoordelen deze film als volgt: 
5 sterren (1) | 4 sterren (3) | 3 sterren (2) | 2 sterren (5) | 1 ster (1) | geen ster (1). Klik op een link om ook te stemmen.


***
Regie: Michael Winterbottom

Ik zie het liefst een film met een goed verhaal, en daar voldoet 9 Songs alvast niet aan. Het is een registratie van een liefdesrelatie, en kenmerkt zich door een hoog Big Brother-gehalte: de toeschouwer wordt tot voyeur gemaakt en ziet nietsverhulllende opnames van de intieme en erotische verhouding tussen Matt en Lisa. Afgewisseld met beeld en muziek van de concerten vaan 8 rockbands (9 songs) waar ze samen (of alleen) naar toegaan. Hoewel de seks tussen de twee heel direct en zonder voorbehoud in beeld wordt gebracht, maakt dit de film niet plat. Het is eerder vergelijkbaar met naar de sauna gaan, waar naakt dusdanig wordt genormaliseerd dat er geen ruimte meer is voor seksuele spanning. 9 Songs kwalificeert zich dan ook niet als porno, en werkt eerder vertederend dan opwindend. Het is zeker een interessante film; vooral door het bijzondere concept, en de manier waarop de regisseur erin is geslaagd een abstract en moeilijk over te brengen onderwerp als liefde en erotiek zo expliciet en toch in non-conflictueuze, bijna gezapige alledaagsheid te vatten. 

Gezien:
30 januari 2010
DVD
Meer info</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=243&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Filmliefhebbers beoordelen deze film als volgt: <br />
<a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>5 sterren</u></a> (1) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>4 sterren</u></a> (3) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>3 sterren</u></a> (2) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>2 sterren</u></a> (5) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>1 ster</u></a> (1) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>geen ster</u></a> (1). Klik op een link om ook te stemmen.</i><br />
<object width="375" height="344"><param name="movie" value="http://www.youtube.com/v/gHdkVcqtWJE&hl=nl_NL&fs=1&"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://www.youtube.com/v/gHdkVcqtWJE&hl=nl_NL&fs=1&" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="375" height="344"></embed></object><br />
<br />
***<br />
Regie: Michael Winterbottom<br />
<br />
Ik zie het liefst een film met een goed verhaal, en daar voldoet <i>9 Songs</i> alvast niet aan. Het is een registratie van een liefdesrelatie, en kenmerkt zich door een hoog Big Brother-gehalte: de toeschouwer wordt tot voyeur gemaakt en ziet nietsverhulllende opnames van de intieme en erotische verhouding tussen Matt en Lisa. Afgewisseld met beeld en muziek van de concerten vaan 8 rockbands (9 songs) waar ze samen (of alleen) naar toegaan. Hoewel de seks tussen de twee heel direct en zonder voorbehoud in beeld wordt gebracht, maakt dit de film niet plat. Het is eerder vergelijkbaar met naar de sauna gaan, waar naakt dusdanig wordt genormaliseerd dat er geen ruimte meer is voor seksuele spanning. <i>9 Songs</i> kwalificeert zich dan ook niet als porno, en werkt eerder vertederend dan opwindend. Het is zeker een interessante film; vooral door het bijzondere concept, en de manier waarop de regisseur erin is geslaagd een abstract en moeilijk over te brengen onderwerp als liefde en erotiek zo expliciet en toch in non-conflictueuze, bijna gezapige alledaagsheid te vatten. <br />
<br />
Gezien:<br />
<i>30 januari 2010<br />
DVD<br />
<a href="http://www.imdb.com/title/tt0411705/"  title="" target='_blank'>Meer info</a></i>
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Anthrax War</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=236&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-11-25T12:58:00+01:00</updated>
		<published>2009-11-25T12:53:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.236</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Filmliefhebbers beoordelen deze film als volgt: 
5 sterren (2) | 4 sterren (6) | 3 sterren (4) | 2 sterren (8) | 1 ster (5) | geen ster (1). Klik op een link om ook te stemmen.


***
Regie: Bob Coen

Hoewel de documentaire Anthrax War het niet van zijn beeldende kwaliteit  moet hebben, krijgt het vanwege het verhaal toch drie sterren. Onderzoeksjournalist Bob Coen schotelt een complottheorie voor die hoewel niet onwaarschijnlijk, toch wel de nodige feitelijke onderbouwing mist. Dat is Coen nauwelijks kwalijk te nemen, de meeste van de sleutelfiguren in zijn film zijn dood. Hij moet het dus doen met een berg aan indirect bewijs, dat alleen al door de hoeveelheid zijn theorie lijkt te onderbouwen. De langdradige interviews bevatten vooral veel subjectieve informatie. De overdaad aan nietszeggende beelden die plaats (shots van steden en locaties), beweging (shots vanuit vliegtuigen en auto’s) en tijdsversnellingen aangeven in combinatie met  interviews op veelal saaie kantoren, maakt deze film nu niet direct een lust voor het oog. De beelden voegen over de hele linie genomen zo weinig toe, dat de vraag zich opdringt waarom Coen heeft gekozen voor een film, en niet voor bijvoorbeeld het medium radio of een boek. 

Gezien:
IDFA, 20 november 2009</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=236&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Filmliefhebbers beoordelen deze film als volgt: <br />
<a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>5 sterren</u></a> (2) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>4 sterren</u></a> (6) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>3 sterren</u></a> (4) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>2 sterren</u></a> (8) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>1 ster</u></a> (5) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>geen ster</u></a> (1). Klik op een link om ook te stemmen.</i><br />
<embed src="http://idfa.fabflows.com/media/idfa_player.swf?p=55626d649149984049774167fcd632ac&languageCode=nl" type="application/x-shockwave-flash" allowfullscreen="true" allowscriptaccess="always"	width="375" height="270"></embed><br />
<br />
***<br />
Regie: Bob Coen<br />
<br />
Hoewel de documentaire Anthrax War het niet van zijn beeldende kwaliteit  moet hebben, krijgt het vanwege het verhaal toch drie sterren. Onderzoeksjournalist Bob Coen schotelt een complottheorie voor die hoewel niet onwaarschijnlijk, toch wel de nodige feitelijke onderbouwing mist. Dat is Coen nauwelijks kwalijk te nemen, de meeste van de sleutelfiguren in zijn film zijn dood. Hij moet het dus doen met een berg aan indirect bewijs, dat alleen al door de hoeveelheid zijn theorie lijkt te onderbouwen. De langdradige interviews bevatten vooral veel subjectieve informatie. De overdaad aan nietszeggende beelden die plaats (shots van steden en locaties), beweging (shots vanuit vliegtuigen en auto’s) en tijdsversnellingen aangeven in combinatie met  interviews op veelal saaie kantoren, maakt deze film nu niet direct een lust voor het oog. De beelden voegen over de hele linie genomen zo weinig toe, dat de vraag zich opdringt waarom Coen heeft gekozen voor een film, en niet voor bijvoorbeeld het medium radio of een boek. <br />
<br />
Gezien:<br />
<i>IDFA, 20 november 2009</i><b>Synopis</b><br />
De New Yorkse onderzoeksjournalist Bob Coen duikt in de herkomst van de bijna vergeten antraxbrieven uit 2001, die vijf mensen het leven kostten. Hoofdverdachte was Bruce Edwards Ivins, een wetenschapper die werkzaam was bij het laboratorium Biodefensie van het Amerikaanse leger, bij Fort Detrick in Maryland. Na zijn zelfmoord door een overdosis, stelde de FBI dat Ivins de dodelijke brieven in zijn eentje stuurde. Coen twijfelt daaraan en ontdekt op zijn reis door vier continenten steeds verdachtere zaken. De Amerikaanse regering zou in geheime laboratoria proeven doen met bacteriën die voor biologische oorlogsvoering zouden kunnen worden gebruikt. Dit 'state supported programme' zou wereldwijde connecties hebben. Coen legt de link met de (zelf)moord van dr. David Kelly, de Britse microbioloog en defensieambtenaar die als een van 's werelds belangrijkste deskundigen op het gebied van biologische oorlogsvoering werd beschouwd en wapeninspecteur in Irak was. Daarnaast beweert Coen dat er experimenten op mensen zijn toegepast en heeft hij schokkende aanwijzingen voor het bestaan van schadelijke bacteriën die op ras selecteren. Tijdens zijn reis en via allerlei interviews laat hij zien hoe lucratief deze nieuwe geprivatiseerde industrie is. Bob Coen was vijftien jaar lang CNN-correspondent in Afrika en noemt zich nu "een verbanneling uit mainstream media."<br />
(www.idfa.nl
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>We live in public</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=235&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-11-25T12:30:00+01:00</updated>
		<published>2009-11-25T12:24:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.235</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Filmliefhebbers beoordelen deze film als volgt: 
5 sterren (5) | 4 sterren (1) | 3 sterren (7) | 2 sterren (3) | 1 ster (4) | geen ster (2). Klik op een link om ook te stemmen.



*****
Regie: Ondi Timoner
Deze documentaire over de onbekende internetvisionair Josh Harris is een prachtige mix van mooi beeldmateriaal, een boeiend verhaal en een pakkende montage. Timoner legt een – voor mij tot dan toe onbekend - stuk geschiedenis rond de opkomst van het internet in Amerika vast en doet dat op erg aansprekende manier. De film zit vol met ondersteunende en goede interviews, en hoewel de documentaire niet schokkend of confronterend is, heeft hij wel impact en zingt ook dagen later nog na. Na het zien van deze documentaire, wens ik me een tijdmachine: wat had ik graag in de negentiger jaren in New York wil zijn en dit allemaal meemaken. 

Gezien:
IDFA, 19 november 2009</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=235&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Filmliefhebbers beoordelen deze film als volgt: <br />
<a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>5 sterren</u></a> (5) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>4 sterren</u></a> (1) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>3 sterren</u></a> (7) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>2 sterren</u></a> (3) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>1 ster</u></a> (4) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>geen ster</u></a> (2). Klik op een link om ook te stemmen.</i><br />
<br />
<embed src="http://idfa.fabflows.com/media/idfa_player.swf?p=4bc72010b23e2cb129f0cefd4ef8447b&languageCode=nl" type="application/x-shockwave-flash" allowfullscreen="true" allowscriptaccess="always"	width="375" height="270"></embed><br />
<br />
<b>*****</b><br />
Regie: Ondi Timoner<br />
Deze documentaire over de onbekende internetvisionair Josh Harris is een prachtige mix van mooi beeldmateriaal, een boeiend verhaal en een pakkende montage. Timoner legt een – voor mij tot dan toe onbekend - stuk geschiedenis rond de opkomst van het internet in Amerika vast en doet dat op erg aansprekende manier. De film zit vol met ondersteunende en goede interviews, en hoewel de documentaire niet schokkend of confronterend is, heeft hij wel impact en zingt ook dagen later nog na. Na het zien van deze documentaire, wens ik me een tijdmachine: wat had ik graag in de negentiger jaren in New York wil zijn en dit allemaal meemaken. <br />
<br />
Gezien:<br />
<i>IDFA, 19 november 2009</i><br/><b>Synopisis</b><br />
De onbekende internetmiljonair Josh Harris is altijd gefascineerd geweest door de invloed van nieuwe media op het dagelijks leven. Harris lanceerde zijn Big Brother avant la lettre door in 1999 in New York City een experiment te starten waarbij zo'n honderd kunstenaars in één ruimte elke seconde van de dag via camera's en internet worden gevolgd. Het project 'Quiet, We Live in Public' was volgens Harris een analogie van hoe internet er in werkelijkheid uit zou zien. Slapen, douchen, seks; alles werd gefilmd, bekeken en becommentarieerd binnen de gemeenschap. Na de onvermijdelijke implosie van 'Quiet' liet deze 'Andy Warhol van de cybergeneratie' 32 camera's in de woning van hemzelf en zijn vriendin installeren om internetgebruikers inzicht te geven in hun dagelijkse beslommeringen. Ook dit project stortte in waarna Harris eenzaam en berooid naar Ethiopië vertrok. Filmmaakster Ondi Timoner was een van de bewoners van het Quiet-project en peurde tien jaar lang in Harris' leven. Familiefilmpjes, pikante beelden uit 'Quiet' en archiefmateriaal van excessen van de IT-miljonairs vormen samen met interviews met Harris en betrokkenen een filmische achtbaan. We Live in Public documenteert een experimentele periode van een internetpionier en werpt de vraag op: neemt ons virtuele leven het straks over? (www.idfa.nl)
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Ik haal je op, ik neem je meeNiccolò Ammaniti</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=233&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-11-25T13:23:00+01:00</updated>
		<published>2009-11-12T08:54:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.233</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: 
5 sterren (3 lezers) | 4 sterren (0 lezers) | 3 sterren (0 lezers) | 2 sterren (3 lezers) | 1 ster (0 lezers) | geen ster (7 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.

Geen ster
Ik haal je op, ik neem je mee heb ik op aanraden van verschillende vrienden gekocht, en ik begrijp nog steeds niet wat zij er zo goed aan vinden. Het leest inderdaad vlot weg, maar het plot is erg mager, de karakters zijn nauwelijks uitgediept en de verhaallijnen erg gezocht en aan elkaar geknoopt. Geen boek dus dat ik zelf aanbeveel of cadeau ga geven.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=233&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: <br />
<a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>5 sterren</u></a> (3 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>4 sterren</u></a> (0 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>3 sterren</u></a> (0 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>2 sterren</u></a> (3 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>1 ster</u></a> (0 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>geen ster</u></a> (7 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.</i><br />
<br />
<img src="http://www.cultuurstudio.nl/images/ik_haal_je_op.jpg" style="float:left;margin-right:10px;margin-bottom:5px;border:0px solid" title="" alt="" class="pivot-image" />Geen ster<br />
<i>Ik haal je op, ik neem je mee</i> heb ik op aanraden van verschillende vrienden gekocht, en ik begrijp nog steeds niet wat zij er zo goed aan vinden. Het leest inderdaad vlot weg, maar het plot is erg mager, de karakters zijn nauwelijks uitgediept en de verhaallijnen erg gezocht en aan elkaar geknoopt. Geen boek dus dat ik zelf aanbeveel of cadeau ga geven.<b>NBD|Biblion recensie</b><br />
Van Niccolo Ammaniti, bekend van de verfilmde bestseller "Ik ben niet bang", verscheen verder "Het laatste oudejaar van de mensheid", een bundel fantastievolle en verrassende verhalen. Deze roman is een lijvig vlechtwerk van tumultueuze levensgeschiedenissen die op een John-Irvingachtige wijze ("Garp") samenhangen en elkaar fataal beinvloeden. Het verhaal is spannend, spannend geschreven (vol cliff-hangers) en spannend van inhoud: vol passie, dood, geweld en verrassingen van allerlei aard. Hoewel niet zonder humor geepresenteerd, is alles wat er gebeurt van een noodlottige onaangenaamheid, en toch kan de lezer het boek niet wegleggen. De kater komt pas na afloop: personages blijken uiteindelijk toch meer karikaturen dan karakters te zijn. Prikkelende formuleringen ontbreken; psychologische diepgang is er nauwelijks. Het Nederlands van de vertaling soms ronduit slordig. Maar meeslepend was het wel. Tot het eind. Op het omslag zeer enthousiaste quotes van Saskia Noort en Kluun. Kleine druk.<br />
<br />
<b>Biografie</b><br />
Niccolò Ammaniti (1966) is de auteur van de bestsellers Ik haal je op, ik neem je mee, Zo God het wil, dat bekroond werd met de prestigieuze Premio Strega, en Ik ben niet bang, dat bekroond werd met de Premio Viareggio-Repaci, in meer dan vijfendertig talen is verschenen en waarvan de verfilming met een Oscar werd bekroond. Begin 2010 verschijnt zijn langverwachte nieuwe roman, RSVP.
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Het museum van de onschuld Orhan Pamuk</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=231&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-11-10T10:53:00+01:00</updated>
		<published>2009-11-10T10:41:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.231</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: 
5 sterren (5 lezers) | 4 sterren (0 lezers) | 3 sterren (1 lezers) | 2 sterren (2 lezers) | 1 ster (6 lezers) | geen ster (0 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.

***
Hoewel dit boek veelbelovend begint, vertraagt het tempo na circa 300 pagina's enorm en dit blijft zo tot het einde. Het taalgebruik is prachtig, het verhaal biedt veel achtergrondinformatie over Istanbul , het leven daar in de jaren '70 en over de Turkse filmindustrie. Het concept van het boek is heel bijzonder, de lezer wordt door het verhaal geleid aan de hand van voorwerpen maar toch kan dit niet voorkomen dat ergens over de helft van het boek de verveling toeslaat en het een opgave begint te worden het uit te lezen. Drie sterren voor het concept en de stijl. 

ISBN10: 9029571446
ISBN13: 9789029571449</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=231&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: <br />
<a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>5 sterren</u></a> (5 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>4 sterren</u></a> (0 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>3 sterren</u></a> (1 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>2 sterren</u></a> (2 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>1 ster</u></a> (6 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>geen ster</u></a> (0 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.</i><br />
<br />
<img src="http://www.cultuurstudio.nl/images/museumvandeonschuld.gif" style="float:left;margin-right:10px;margin-bottom:5px;border:0px solid" title="" alt="" class="pivot-image" /><b>***</b><br />
Hoewel dit boek veelbelovend begint, vertraagt het tempo na circa 300 pagina's enorm en dit blijft zo tot het einde. Het taalgebruik is prachtig, het verhaal biedt veel achtergrondinformatie over Istanbul , het leven daar in de jaren '70 en over de Turkse filmindustrie. Het concept van het boek is heel bijzonder, de lezer wordt door het verhaal geleid aan de hand van voorwerpen maar toch kan dit niet voorkomen dat ergens over de helft van het boek de verveling toeslaat en het een opgave begint te worden het uit te lezen. Drie sterren voor het concept en de stijl. <br />
<br />
ISBN10: 9029571446<br />
ISBN13: 9789029571449<b>NBD|Biblion recensie</b><br />
In zijn eerste roman na de Nobelprijs gaat Pamuk (1952) terug naar de jaren '70, en naar zijn milieu van herkomst, de betere standen in Istanbul. De verloving van zijn hoofdpersoon met een meisje dat in Parijs gestudeerd heeft, belooft een modelleven. Helaas wordt hij tegelijk verliefd op een zeer willig, jong winkelmeisje. Een ware mannendroom, maar de geliefde voelt zich beledigd door zijn huwelijk en ook zijn echtgenote - ook beledigd: met een winkelmeisje nog wel! - stapt op. Tot dan is het een breed uitgesponnen, nogal zoetelijk liefdesverhaal, met als leidmotief de tegenstelling traditioneel (beschaafd) en modern (vrij). Daarna moet de obsessie het met herinneringen doen. Pamuks vondst is om die te materialiseren: de man bewaart alle dingen die de geliefde heeft aangeraakt, en verzamelt overal ter wereld dingen die erop lijken. Pamuk zal in het echt zo'n museum openen. De roman had een geannoteerde catalogus kunnen zijn en is nu te dik voor zo'n eenvoudig idee. Gebonden; kleine druk. (NBD|Biblion recensie, J.F. Vogelaar)
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>2666 Roberto Bolano</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=232&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-11-10T11:02:00+01:00</updated>
		<published>2009-10-04T10:59:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.232</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: 
5 sterren (1 lezers) | 4 sterren (0 lezers) | 3 sterren (7 lezers) | 2 sterren (0 lezers) | 1 ster (1 lezers) | geen ster (2 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.

*****
Zonder twijfel een van de beste boeken die ik totdusver gelezen heb. Prachtige zinnen die soms meer dan een pagina lang zijn en een enorm rijk vocabulaire. Het verhaal is opgedeeld in vijf verschillende onderdelen die niet, en toch ook weer wel, heel ingenieus samen komen en die zich ieder kenmerken door een andere stijl en verteltrant. Vijf sterren dus. 

Synopis
Vier literatuurfanaten, drie mannen en een vrouw, worden verbonden door hun gemeenschappelijk fascinatie voor het werk van Benno von Archimboldi, een mysterieuze Duitse schrijver. Ze maken een absurde bedevaart naar Santa Teresa, aan de grens van Mexico met de Verenigde Staten, waar Archimboldi zou zijn gezien. Eenmaal in Santa Teresa komen ze erachter dat de stad sinds jaren het decor vormt van een reeks afschuwelijke misdrijven. Op de vuilstortplaatsen van de stad worden met grote regelmaat levenloze lichamen van vrouwen aangetroffen. Allemaal vertonen ze sporen van meedogenloze verkrachting en marteling.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=232&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Boekliefhebbers beoordelen dit boek als volgt: <br />
<a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>5 sterren</u></a> (1 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>4 sterren</u></a> (0 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>3 sterren</u></a> (7 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>2 sterren</u></a> (0 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>1 ster</u></a> (1 lezers) | <a href="http://www.cultuurstudio.nl#"   title="" target='_blank'><u>geen ster</u></a> (2 lezers). Klik op een link om ook te stemmen.</i><br />
<br />
<img src="http://www.cultuurstudio.nl/images/2666.jpg" style="float:left;margin-right:10px;margin-bottom:5px;border:0px solid" title="" alt="" class="pivot-image" /><b>*****</b><br />
Zonder twijfel een van de beste boeken die ik totdusver gelezen heb. Prachtige zinnen die soms meer dan een pagina lang zijn en een enorm rijk vocabulaire. Het verhaal is opgedeeld in vijf verschillende onderdelen die niet, en toch ook weer wel, heel ingenieus samen komen en die zich ieder kenmerken door een andere stijl en verteltrant. Vijf sterren dus. <br />
<br />
<b>Synopis</b><br />
Vier literatuurfanaten, drie mannen en een vrouw, worden verbonden door hun gemeenschappelijk fascinatie voor het werk van Benno von Archimboldi, een mysterieuze Duitse schrijver. Ze maken een absurde bedevaart naar Santa Teresa, aan de grens van Mexico met de Verenigde Staten, waar Archimboldi zou zijn gezien. Eenmaal in Santa Teresa komen ze erachter dat de stad sinds jaren het decor vormt van een reeks afschuwelijke misdrijven. Op de vuilstortplaatsen van de stad worden met grote regelmaat levenloze lichamen van vrouwen aangetroffen. Allemaal vertonen ze sporen van meedogenloze verkrachting en marteling.<b>NBD|Biblion recensie</b><br />
Vernieuwende roman in vijf afdelingen met als fysiek middelpunt de stad Santa Teresa in Noord-Mexico bij de Amerikaanse grens. We volgen experts in het werk van de obscure schrijver Archimboldi naar deze plaats (de schrijver zou zich daar ophouden), maken kennis met een universitair docent en zijn dochter Rosa en met een journalist die naar Santa Teresa toekomt en Rosa het leven redt. In het volgende deel staat het onderzoek naar de honderden vrouwenmoorden die in die regio plaats vonden centraal; en in het laatste deel, dat in Duitsland speelt, komen we veel te weten over Archimboldi. De Chileen Bolano (1953-2004) is de Spaanstalige schrijver van zijn generatie. Eerder schreef hij o.a. de bekroonde roman 'De wilde detectives' (ook verschenen als 'De woeste zoekers'). Dit postuum verschenen magnum opus (1056 pagina's) laat je niet los: mooie, ontroerende, spannende en erotische passages wisselen elkaar af. Bolanos pakkende schrijfstijl doet aan Borges of Cortazar denken. Kortom; een ideaal boek voor lange zomeravonden. Met noot van erfgenamen, nawoord en verklarende woorden- en namenlijst. A. Glastra-van Loon en A. van der Wal hebben met deze soepele vertaling een grote prestatie geleverd. Kleine druk.<br />
(NBD|Biblion recensie, Drs. Michael A. Vissers M.Ed.)
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Nature is cruel</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=146&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-03-18T12:19:00+01:00</updated>
		<published>2009-03-18T12:13:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.146</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text"></summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=146&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <object width="350" height="250"><param name="movie" value="http://www.youtube.com/v/kTMobUR4VoQ&hl=nl&fs=1"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://www.youtube.com/v/kTMobUR4VoQ&hl=nl&fs=1" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="350" height="250"></embed></object><br />
<br />
<object width="350" height="250"><param name="movie" value="http://www.youtube.com/v/F2uUMz9hDMw&hl=nl&fs=1"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://www.youtube.com/v/F2uUMz9hDMw&hl=nl&fs=1" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="350" height="250"></embed></object>
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>De essentie van de liefde</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=142&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-10-26T12:45:00+01:00</updated>
		<published>2009-01-27T16:33:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.142</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Missschien moet ik mijn zoektocht naar de essentie van de liefde maar opgeven. Ik ben net begonnen aan mijn veertigste levensjaar. Als ik terugkijk dan heb ik intens van mijn mannen gehouden, maar geen van hen van mij. Ik begin de twee psychologen, de psychiater en de haptotherapeut die ik het afgelopen decennium bezocht en die me allemaal zonder aarzelen – en achteraf bezien verdacht snel – geestelijk volkomen gezond verklaarden, ervan te verdenken dat ze me zo’n hopeloos geval vonden, dat ze hun vingers daar niet aan wilden branden.

Hoe vaak heb ik al niet gehoord, dat ik die mannen zelf uitzoek. Ik kan dat moeilijk ontkennen, maar het lijkt een beschuldiging in te houden die ik begrijp noch kan weerleggen. Ik doe dus iets fout. Maar het gaat mijn bevattingsvermogen te boven om goed en fout als criteria in de liefde, het puurste en zuiverste gevoel dat ik ken, te gebruiken. Als het over de liefde gaat, dan is het alsof ik in mijn eentje tegenover de rest van de wereld sta, en een onverstaanbare taal spreek.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=142&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <b>Missschien moet ik mijn zoektocht naar de essentie van de liefde maar opgeven. Ik ben net begonnen aan mijn veertigste levensjaar. Als ik terugkijk dan heb ik intens van mijn mannen gehouden, maar geen van hen van mij. Ik begin de twee psychologen, de psychiater en de haptotherapeut die ik het afgelopen decennium bezocht en die me allemaal zonder aarzelen – en achteraf bezien verdacht snel – geestelijk volkomen gezond verklaarden, ervan te verdenken dat ze me zo’n hopeloos geval vonden, dat ze hun vingers daar niet aan wilden branden.</b><br />
<br />
Hoe vaak heb ik al niet gehoord, dat ik die mannen zelf uitzoek. Ik kan dat moeilijk ontkennen, maar het lijkt een beschuldiging in te houden die ik begrijp noch kan weerleggen. Ik doe dus iets fout. Maar het gaat mijn bevattingsvermogen te boven om goed en fout als criteria in de liefde, het puurste en zuiverste gevoel dat ik ken, te gebruiken. Als het over de liefde gaat, dan is het alsof ik in mijn eentje tegenover de rest van de wereld sta, en een onverstaanbare taal spreek.<br  />De eerste bewuste herinnering die ik heb (de kritische lezer mag het rustig een droom of inbeelding noemen) dateert al vanuit de baarmoeder. Mijn ouders hadden ruzie, en mijn vader beschuldigde mijn moeder ervan dat ze hem er had “ingeluisd” en riep boos dat hij dat rotkind niet wilde. Dus misschien is het een simpel gevalletje van slecht karma, of blijkt na een post mortem dat ik een afwijkend en zeldzaam gen heb, waarmee een en ander kan worden verklaard. Hoe het ook zij, ik ben aan het eind van mijn Latijn en raak uitgeput.<br />
Het concept gelukkig zijn heb ik lang geleden al verworpen. Tegenwoordig tel ik in mijn emotionele boekhouding alleen nog de geluksmomenten bij elkaar op. Ik ga bij de eindafrekening niet uit van vette winst; zolang het er maar genoeg zijn, hoor je mij niet meer klagen. Maar sinds mijn woestaantrekkelijke man na twee jaar relatie, en notabene op Eerste Kerstdag, de zo door mij gehate en gevreesde woorden schreef: „[…] ik verbaas me altijd over hoe thuis ik me bij je voel, maar ik weet zeker dat ik niet verliefd op je ben, dat ik niet op dat niveau liefde voel […]”, krijsen de rode cijfertjes me honend en minachtend tegemoet. Sindsdien hebben we elkaar niet meer gezien. Misschien is dat maar goed ook. Want ik kan het verloop voorspellen.<br />
Als hij de volgende keer in de trein naar huis stapt, dan vraagt hij zich af wat er in vredesnaam is gebeurd. Toegegeven, het was nog steeds fijn en geil om met mij te vrijen, en er is geen onvertogen woord gevallen. Maar dat gevoel van thuiskomen, de opluchting en de blijdschap, waar zijn die gebleven? En vanaf hier kan ik mezelf citeren uit ‘Bezwering tegen de liefde’ uit 2005: „Het valt ze daarna altijd tegen als ik wat in mijn schulp kruip. Ineens wat minder vrij en blij ben. Plotseling ben ik toch afstandelijker dan ze eerder hadden ondervonden. Waarom draai ik me in mijn slaap ineens van ze weg in plaats van hun warmte te zoeken? Wat is er gebeurd met die lieve geluidjes? Waarom doe ik ineens moeilijk? Die vier woorden, dat is er gebeurd. Ze geven de vorm en de onmogelijkheden aan. Ze leggen beperkingen op. Ze bakenen grenzen af en werpen muren op. Ze verbieden me om waarlijk lief te hebben. En ze ontnemen me daarmee de enige zin die ik aan het bestaan heb kunnen ontdekken en wil erkennen.”<br />
Ik dacht dat ik er een verklaring voor had gevonden. Alle mannen uit mijn leven hebben altijd hetzelfde, zij het niet in identieke bewoordingen, geroepen en altijd was dat onverklaarbare en nieuwe gevoel van thuiskomen de essentie van hun boodschap. Het kwam me voor, dat ze het vervolgens begonnen te vergelijken met eerdere verliefdheden en liefdes, het daarin niet herkenden en dan tot de conclusie kwamen dat het dus iets anders moest zijn. En het enige dat na aftrek van die twee dan overbleef, was dan logischer wijze ‘alleen maar seks’. Nou ja, verdomd goeie seks, laat ik mijn licht niet onder de korenmaat steken.<br />
Maar nu met Woest, nu weet ik het niet meer. Als iemand me dat na twee jaar nog zo vertelt - zijn boodschap dat wij blijvend zijn ten spijt - dan is het misschien wel de hoogste tijd deze terugkerende mededeling letterlijk te nemen en mijn conclusies eruit te trekken. Het is jammer dat ik niet religieus ben, want ik kan na vandaag zo het klooster in. Seks is voor mij de zielstaal van de liefde. Voor minder doe ik het niet. Dan kan ik me nog beter prostitueren, geloof ik, dan zijn de verhoudingen tenminste scherp en haarfijn afgebakend. Nonsens natuurlijk. Ik zal wel weer een manier vinden om deze ervaringen een positieve draai te geven.<br />
Ik schrijf gewoon weer een paar lappen tekst, verpak mijn ervaringen tot wijsgerige inzichten en milde observaties, en laat me bejubelen om mijn mooie woorden en wijsheid. Ik vind ongetwijfeld wel weer een paar mensen die me prijzen om mijn authenticiteit, die goeroemateriaal in me zien en me vol overtuiging op hun shortlist voor ‘soon to be enlighted people’ plaatsen. Ondertussen blijf ik lief glimlachen, vriendelijk knikken en hul ik me in rust en harmonie, en laat de mensen zien wat ze willen zien. Ze mogen me complimenteren met mijn schrijftalent, en ik zal ze niet teleurstellen door te vertellen dat het daarmee wel meevalt en dat ik nog nooit een lettertje heb verkocht. Ze mogen me bewonderen om mijn warme uitstraling, en ik zal ze niet verklappen dat alles wat ze zien, voortkomt uit een zo groot gegroeid verdriet dat het zich niet meer in snikken laat samenvatten, en zich nu maar zo laat zien. Iedereen mag van me vinden en denken wat hij wil. Maar voor de enkeling die het echt wil weten: ik ben hartstikke nep. Het is me niet een keer gelukt iemand te vinden die van mij hield, laat staan zoals ik van hem. Ik weet niets over de liefde, over wederkerendheid of wederzijdsheid. Ik heb geen idee van de zin van het bestaan. Geen flauwe notitie van wat ik hier doe of waar ik mee bezig ben. Ik weet niets. Echt helemaal niets. Ik denk, maar of ik besta?
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Een tweede leven</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=147&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-10-26T12:28:00+01:00</updated>
		<published>2008-11-10T12:33:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.147</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Essay door Gigi Schuiten

 Hoe eigen is de eigen identiteit? Om een antwoord op die vraag te vinden, plaatste de New Yorkse schrijfster Nancy Weber in 1973 een contactadvertentie in The Village Voice waarin ze haar leven en identiteit te ruil aanbood. Het experiment liep al na een week stuk maar leverde evengoed genoeg materiaal voor haar boek The life swap op. Later was Webers advertentie de inspiratiebron voor zowel het essay Zielsverhuizing van Rudy Kousbroek als het toneelstuk en de film Een maand later. Het is één van de weinige films waarvan bepaalde fragmenten mijn gedachten nog steeds onverhoeds overvallen. 

Ik kon niet kiezen. Ik wilde zowel het uitbundige en spannende leven van Monique van der Ven als het warme en huiselijke bestaan van Renée Soutendijk. Gespannen volgde ik de verwikkelingen van de journaliste en de huisvrouw in hun tweede leven, benieuwd naar het hoe en waarom van hun uiteindelijke keuze. Ik was razend teleurgesteld toen plotseling de aftiteling begon voordat ze een besluit hadden genomen. Toch is het precies dat akelige, open einde waardoor ik bewust na ging denken over mijn eigen identiteit, en voor het eerst antwoorden durfde te formuleren op de vragen wie ben ik en hoe wil ik mijn leven vormgeven. 
Ook in de eerste virtuele documentaire My Second Life van filmmaker Douglas Gayeton, die op donderdag 6 november zijn Nederlandse tv-première bij de VPRO beleefde, staat het inwisselen van de ene identiteit voor een andere centraal. Alleen gaat het hier niet om het verruilen van het eigen leven voor dat van een ander, maar om het sublimeren van de persoonlijke identiteit. Ruim twintig jaar later intrigeert deze zoektocht van Molotov Alva me minstens zo sterk als indertijd die van Monika en Liesbeth. Maar waar ik toen aangespoord werd nog popelender en verwachtingsvoller in de startblokken te gaan staan om eindelijk, o eindelijk aan mijn echte leven te beginnen, bekruipt me tijdens deze documentaire eerder een wat lankmoedige Weltschmerz. Wat Gayeton in deze knap gemaakte film te vertellen heeft, is geen hoopvolle of bemoedigende boodschap. In deze beschouwing over het leven in de virtuele driedimensionale wereld Second Life verhaalt hij vooral van eenzaamheid, onvermogen en wanhoop.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=147&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <i>Essay door Gigi Schuiten</i><br />
<br />
<img src="http://www.cultuurstudio.nl/images/22small.jpg" style="float:left;margin-right:10px;margin-bottom:5px;border:2px solid" title="Second life" alt="Second life" class="pivot-image" /> <b>Hoe eigen is de eigen identiteit? Om een antwoord op die vraag te vinden, plaatste de New Yorkse schrijfster Nancy Weber in 1973 een contactadvertentie in <i>The Village Voice</i> waarin ze haar leven en identiteit te ruil aanbood. Het experiment liep al na een week stuk maar leverde evengoed genoeg materiaal voor haar boek <i>The life swap</i> op. Later was Webers advertentie de inspiratiebron voor zowel het essay <i>Zielsverhuizing</i> van Rudy Kousbroek als het toneelstuk en de film <i>Een maand later</i>. Het is één van de weinige films waarvan bepaalde fragmenten mijn gedachten nog steeds onverhoeds overvallen. </b><br />
<br />
Ik kon niet kiezen. Ik wilde zowel het uitbundige en spannende leven van Monique van der Ven als het warme en huiselijke bestaan van Renée Soutendijk. Gespannen volgde ik de verwikkelingen van de journaliste en de huisvrouw in hun tweede leven, benieuwd naar het hoe en waarom van hun uiteindelijke keuze. Ik was razend teleurgesteld toen plotseling de aftiteling begon voordat ze een besluit hadden genomen. Toch is het precies dat akelige, open einde waardoor ik bewust na ging denken over mijn eigen identiteit, en voor het eerst antwoorden durfde te formuleren op de vragen <i>wie ben ik</i> en <i>hoe wil ik mijn leven vormgeven</i>. <br />
Ook in de eerste virtuele documentaire <i>My Second Life</i> van filmmaker Douglas Gayeton, die op donderdag 6 november zijn Nederlandse tv-première bij de VPRO beleefde, staat het inwisselen van de ene identiteit voor een andere centraal. Alleen gaat het hier niet om het verruilen van het eigen leven voor dat van een ander, maar om het sublimeren van de persoonlijke identiteit. Ruim twintig jaar later intrigeert deze zoektocht van Molotov Alva me minstens zo sterk als indertijd die van Monika en Liesbeth. Maar waar ik toen aangespoord werd nog popelender en verwachtingsvoller in de startblokken te gaan staan om eindelijk, o eindelijk aan mijn echte leven te beginnen, bekruipt me tijdens deze documentaire eerder een wat lankmoedige Weltschmerz. Wat Gayeton in deze knap gemaakte film te vertellen heeft, is geen hoopvolle of bemoedigende boodschap. In deze beschouwing over het leven in de virtuele driedimensionale wereld <i>Second Life</i> verhaalt hij vooral van eenzaamheid, onvermogen en wanhoop.<br/><br />
<b>My Second Life</b><br />
De documentaire bestaat uit tien episodes. In <i>My Second Life</i> komen minstens evenveel existentiële thema’s aan bod. Molotov Alva ontdekt al snel dat zijn levens in de echte en in de virtuele wereld erg op elkaar lijken. Het cerebrale verschil is niet zo zeer te vinden in de vragen die hij stelt, maar in hoe hij de antwoorden daarop vormgeeft. Ontleedt van de meeste zintuiglijke ervaringen, herdefinieert hij zichzelf als het ware. Misschien is het juist door het ontbreken van het voelen, ruiken, horen en proeven, dat deze toch wat bizar aandoende film zulke heldere inzichten in de opbouw van de menselijke identiteit geeft. <br />
Zelf ooit een groot fan van <i>Ultima Online</i>, een adventure roleplaying game op het internet die erg op <i>Second Life</i> lijkt, herken ik de ervaringen van Alva. Net als hij heb ik mijn virtuele tweede leven gebruikt om ongestraft te experimenteren met het effect van mijn gedrag op anderen. Deze oefeningen in een anonieme dimensie - waarin ik kon zijn wie ik wilde – zijn  niet allemaal maar wel voor een deel van invloed geweest op wie ik ben geworden. <br />
Zo weet ik zeker dat ik van het vechten met monsters of het kopen van droomhuizen niet aantoonbaar heb geprofiteerd. Ik woon nog steeds op kamers en hoeveel reusachtige slangen ik ook aan mijn heksenmes heb geregen; voor een levend glibberexemplaar ren ik gillend weg. Wel staat onomstotelijk vast dat mijn huidige seksuele identiteit voor een aanzienlijk deel tot stand is gekomen dankzij mijn uitspattingen in de, van zintuiglijke waarnemingen verstoken cyberspace. Zonder al die tekstuele rollenspellen in thematische chatrooms of de avontuurtjes in donkere kasteelkerkers en verlaten hutten in <i>Ultima Online</i>, lag ik vermoedelijk in bed nog steeds stiekem mijn boodschappenlijstjes samen te stellen, en me verontrust af te vragen wanneer ik seks ook eens fijn zou gaan vinden. <br />
Seksueel volwassen worden in een wereld waarin je niets aan je tastzin hebt, lijkt paradoxaal maar is eigenlijk een logische, moderne vorm van de oeroude initiatierite. Weliswaar moet die het stellen zonder overgeleverde rituelen en tradities en kent (nog?) geen vastomlijnde kaders of structuren maar het effect is vergelijkbaar. De initiant  wordt teruggevoerd naar het diepste niveau van de ik-Zelf identiteit [1], en zo gedwongen een symbolische dood te sterven om vanuit daar herboren te worden in een nieuwe levensfase. Dergelijke inwijdingen beleven we op verschillende momenten in ons bestaan. Sommige daarvan zijn heel duidelijk aan de biologische tijdslijn gekoppeld, zoals de overgang van kind naar puber of die van vrouw naar moeder. Maar de meeste inwijdingen houden verband met de psychologische ontwikkeling, en dus met de capaciteit van het individu. Ook binnen die context is het niet vreemd dat de moderne mens steeds verder af komt te staan van geïndoctrineerde rituelen en naar alternatieven zoekt die minder op de groep, en meer op het individu en zijn persoonlijke groei zijn afgestemd. <br />
<br />
<b>Kirschblüten – Hanami</b><br />
Hoe uiterst persoonlijk en intiem zo’n rite kan zijn, schetst regisseur Dorris Dörrie in de magistrale speelfilm <i>Kirschblüten – Hanami</i>, die ik tijdens de 30ste editie van het Noordelijk Film Festival op Terschelling zag. In dit ontroerende epos staat opnieuw een identiteitsverwisseling centraal. Wanneer de bijna gepensioneerde Rudi plotseling zijn vrouw verliest, begint hij de voetsporen van haar verloren dromen te volgen. Langzamerhand neemt hij meer en meer van haar activiteiten en gewoontes over. Daarbij onderneemt hij dingen, die volkomen tegen zijn natuur indruisen maar die hem wel onverwacht dicht bij de kern van haar wezen doen komen. In de film is geen enkel moment aan te wijzen waarop Rudi besluit dat - of hoe en waar - hij zal sterven. Toch is zijn naderend einde onmiskenbaar het leidmotief van zijn queeste en is het glashelder dat hij is begonnen aan zijn finale inwijding. <br />
Waar Monika en Liesbeth in de film <i>Een maand later</i> elkaars identiteit overnamen en Molotov Alva in <i>My Second Life</i> zijn eigen identiteit binnen een andere dimensie probeert te verbeteren, versmelt Rudi de zijne met die van zijn dode geliefde. Zo bezien vormen deze films een trilogie over moderne rites waarbij zowel het constructieproces als de teloorgang van de identiteit in beeld worden gebracht. Maar een bevredigend antwoord op de vraag hoe eigen de eigen identiteit is, geven ze niet. En dus zit er maar één ding op. <br />
<blockquote><p><br />
Levens ruilen. Schrijfster 38j. genegen vrolijk en productief bestaan te ruilen voor het uwe. Aangeboden kleine studio in Oud-Zuid met open haard en balkon, uitgebreide garderobe Expresso en Naturals. Maat 42/44. Meer dan 1000 boeken, goede schilderijen, Mahler, twee zwarte katten, trouwe vrienden, woestaantrekkelijke minnaars (niet allemaal getrouwd). Bereid uw werk te doen, aardig te zijn tegen uw familie of zelfs naar uw psychiater te gaan. Wie en waar dan ook. Doel: onderzoeken of mogelijk van identiteit te veranderen. </p></blockquote><br />
<br />
<i>Kirschblüten – Hanami</i> is vanaf 4 december te zien in de Nederlandse bioscopen. <br />
<br/><i>My Second Life</i> is online te bekijken op <a href="http://www.molotovalva.com"  title="" target='_blank'>www.molotovalva.com</a>. <br />
<pre>[1] Carl Gustav Jung, De mens en zijn symbolen.</pre>
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Droomstof</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=135&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-10-26T12:27:00+01:00</updated>
		<published>2008-10-13T00:54:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.135</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">De auto parkeert voor het grote, houten hek. Het portier zwaait open. In de verte tekent zijn silhouet zich onverwacht scherp af tegen het nevelige weiland. Hij draagt stevige werkschoenen en een spijkerbroek. De blauwgrijze trui valt soepel om zijn brede schouders, de blonde haren krullen speels over de hoog opgetrokken col. Zijn lange benen hollen verheugd de plattelandsweg af, zijn bijna twee meter scheert lenig de kale bomen voorbij. Ik wacht op hem. Een sliertje ochtendkou prikkelt mijn neus zoals zijn wollen bovenlijf het straks mijn wang zal doen.

Nacht na nacht rent die zo vertrouwde vreemdeling opgetogen naar me toe. Ochtend na ochtend word ik wakker als zijn gezicht nauwelijks een kus van het mijne is verwijderd. Net als mijn door ontroering gepijnigde vingertoppen zich teder naar de lichte sproetjes rond zijn neus bewegen, verdwijnt hij in de dag. Laat mij zijn geur - en het lang vergeten, maar nu weer zacht kermende verlangen. 
Deze herhalende droom blijft zich aandienen, en put me uit. Waar ik anders gretig terugval op het verzameld werk van Carl Gustav Jung, ervaar ik nu weerstand om zijn wijsheid op mezelf te beproeven. „Een dergelijke droom is meestal een poging om een bepaald effect in de levenshouding van de dromer te compenseren; of hij kan voortkomen uit een traumatisch moment, dat een bepaald vooroordeel nagelaten heeft. Soms kan hij ook op een belangrijke, nog in de toekomst liggende gebeurtenis anticiperen.” [1]</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=135&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <b>De auto parkeert voor het grote, houten hek. Het portier zwaait open. In de verte tekent zijn silhouet zich onverwacht scherp af tegen het nevelige weiland. Hij draagt stevige werkschoenen en een spijkerbroek. De blauwgrijze trui valt soepel om zijn brede schouders, de blonde haren krullen speels over de hoog opgetrokken col. Zijn lange benen hollen verheugd de plattelandsweg af, zijn bijna twee meter scheert lenig de kale bomen voorbij. Ik wacht op hem. Een sliertje ochtendkou prikkelt mijn neus zoals zijn wollen bovenlijf het straks mijn wang zal doen.</b><br />
<br />
Nacht na nacht rent die zo vertrouwde vreemdeling opgetogen naar me toe. Ochtend na ochtend word ik wakker als zijn gezicht nauwelijks een kus van het mijne is verwijderd. Net als mijn door ontroering gepijnigde vingertoppen zich teder naar de lichte sproetjes rond zijn neus bewegen, verdwijnt hij in de dag. Laat mij zijn geur - en het lang vergeten, maar nu weer zacht kermende verlangen. <br />
Deze herhalende droom blijft zich aandienen, en put me uit. Waar ik anders gretig terugval op het verzameld werk van Carl Gustav Jung, ervaar ik nu weerstand om zijn wijsheid op mezelf te beproeven. „Een dergelijke droom is meestal een poging om een bepaald effect in de levenshouding van de dromer te compenseren; of hij kan voortkomen uit een traumatisch moment, dat een bepaald vooroordeel nagelaten heeft. Soms kan hij ook op een belangrijke, nog in de toekomst liggende gebeurtenis anticiperen.” [1]<br/><br/>Zou een terugkerende droom niet gewoon zoiets kunnen zijn als een bekraste dvd, die per abuis steeds hetzelfde fragment laat zien? Ergelijk, maar niet eng of verontrustend? Hoewel, als ik die redenering doortrek, dan heb ik een schram op mijn ziel waardoor mijn onbewuste optilt slaat, en onzinnige boodschappen naar het bewuste communiceert. De gekte die ik daarachter vermoed, staat me nog minder aan. Dus buig ik andermaal voor Jungs logica en vraag me af wat het Zelf en het Ego aan het bekokstoven zijn, dat deze man zich na twee decennia zo levensecht in mijn dromen manifesteert.<br />
Overdag blijft hij ongrijpbaar. Het duurt een dikke week voor zijn naam me weer te binnen schiet. Hoe we elkaar ontmoetten of in welke sociale kring ik hem moet zoeken, blijft vaag. Ik tik de ene na de andere naam in de zoekvelden van Google, Hyves, Linkedin, Facebook en Plaxo. Al snel heb ik, die zo koppig de deur naar het verleden gesloten hield, een flinke verzameling oude klasgenoten en jeugdliefdes bijeen gesprokkeld. Maar een connectie met hem ontdek ik niet. <br />
Mijn herinneringen zijn niet meer dan flarden van beelden, geuren en emoties, en bieden weinig aanknopingspunten. Zijn vader die boos was omdat we een deuk in het dashboard hadden gevreeën. De benepen geur van een groot voorhuis met zware, ouderwetse meubelen. Hadden zijn ouders een loonbedrijf, boerderij of manege? Verhuisde hij nou naar Alphen a/d Rijn vanwege een baan, een studie of een andere vrouw? En wat heb ik hem als achttienjarige aangedaan, dat ik ook nu nog het beschaamde, binnenmondse kreuntje wil negeren? <br />
In een oud poëziebundeltje dat ik op de middelbare school voor het vak Nederlands schreef, vind ik een gedicht dat ik <i>Erik</i> getiteld heb. Het rept van een vraag die ik niet serieus heb genomen, en mijn wroeging dat ik „hem mijn onverbiddelijke, onvergeeflijke nee heb gegeven”. Heeft hij me een grote toekomstvraag gesteld, en heb ik hem uitgelachen? Dat zal toch zeker niet waar zijn? Dat kan bijna niet waar zijn! Hoe rommelig dat deel van mijn geheugen ook is; ik weet zeker dat ik dol op deze zachtaardige man was. Rond hem proef ik tranen, een dramatisch afscheid, te veel pijn. <br />
De droom weet van geen wijken. Hij wekt me ondertussen meermalen per nacht, en grift de toenemende vermoeidheid meedogenloos in mijn gezicht. Ik kan niet anders meer dan dromen, denken, herinneren. Ik zoek.<br />
<br />
[1]<i> Carl Gustav Jung, De mens en zijn symbolen, Lemniscaat Publishers, 1992, ISBN 9060698304</i>
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Sluipmoordenaar</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=134&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-10-26T12:27:00+01:00</updated>
		<published>2008-10-08T10:26:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.134</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Na de homobelangenvereniging COC en de gemeente Amsterdam, bemoeit nu ook de landelijke politiek - bij monde van Tweede Kamerlid Khadija Arib (PvdA) – zich met de inhoud van de kerkdiensten van pinkstergemeenten. Sommige kerken beweren hun volgelingen te kunnen genezen van besmettingen met hiv, en zelfs van homofilie. Van de Inspectie voor Gezondsheidszorg wordt verwacht dat zij een onderzoek instelt naar dit vermeende gevaar voor de volksgezondheid. Het is te hopen dat deze instantie wél snapt dat het reguleren van religie niet tot haar taken behoort, en dit absurde verzoek lachend naast zich neerlegt. 

Wanneer iemand wil geloven dat een paar regeltjes hocus pocus, een wolkje wierook, een handoplegging en wat ja-en-amen’s, een hivbesmetting ongedaan kunnen maken, dan is dat weliswaar stuitend dom, verboden is het niet. Geloof berust niet op ratio, kent geen wetenschappelijk fundament en bestaat juist bij de gratie van onwetendheid. Het geeft immers al sinds mensenheugenis een verklaring voor wat de mens niet weet, begrijpt of kan bevatten. Wat een kerk binnen zijn muren predikt, zou de overheid dan ook siberisch moeten laten.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=134&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <b>Na de homobelangenvereniging <a href="http://meer.trouw.nl/nieuws-en-debat/bezorgdheid-en-ontzetting-over-hiv-genezingen"  title="" target='_blank'><b>COC</b></a> en de <a href="http://meer.trouw.nl/nieuws-en-debat/amsterdam-eist-onderzoek-hiv-en-homohealing"  title="" target='_blank'><b>gemeente Amsterdam</b></a>, bemoeit nu ook de <a href="http://meer.trouw.nl/nieuws-en-debat/pvda-wil-onderzoek-naar-hiv-healings"  title="" target='_blank'><b>landelijke politiek</b></a> - bij monde van Tweede Kamerlid Khadija Arib (PvdA) – zich met de inhoud van de kerkdiensten van pinkstergemeenten. Sommige kerken beweren hun volgelingen te kunnen genezen van besmettingen met hiv, en zelfs van homofilie. Van de Inspectie voor Gezondsheidszorg wordt verwacht dat zij een onderzoek instelt naar dit vermeende gevaar voor de volksgezondheid. Het is te hopen dat deze instantie wél snapt dat het reguleren van religie niet tot haar taken behoort, en dit absurde verzoek lachend naast zich neerlegt. </b><br />
<br />
Wanneer iemand wil geloven dat een paar regeltjes hocus pocus, een wolkje wierook, een handoplegging en wat ja-en-amen’s, een hivbesmetting ongedaan kunnen maken, dan is dat weliswaar stuitend dom, verboden is het niet. Geloof berust niet op ratio, kent geen wetenschappelijk fundament en bestaat juist bij de gratie van onwetendheid. Het geeft immers al sinds mensenheugenis een verklaring voor wat de mens niet weet, begrijpt of kan bevatten. Wat een kerk binnen zijn muren predikt, zou de overheid dan ook siberisch moeten laten.<br />
<br/><b>Broodje aap</b><br />
Een overheid die haar werk goed doet, hoeft zich ook geen zorgen te maken over religie en bijgeloof. Zij onderwijst haar onderdanen adequaat en blinkt uit in voorlichting. Zo stelt ze rede, logica en kennis tegenover alle nonsens die vanaf de kansel voor waarheid wordt verkocht, en laat het aan de welgeïnformeerde burger zijn eigen oordeel te vormen en te volgen. Deze regering moet zich dus niet de vraag stellen, welke boodschap een kerk wel of niet mag verkondigen. Deze regering moet bij zichzelf te rade gaan waar ze heeft gefaald, nu na ruim 20 jaar hiv- en aidsbestrijding dit broodje aap alsnog zo grif over de religieuze toonbank gaat. En dan met een oplossing komen.<br />
<br />
<b>Doodsangst</b><br />
Maar het oplossen van problemen is niet de sterkste kant van het kabinet Balkenende. Dat specialiseert zich hoofdzakelijk in als daadkracht gepresenteerde symptoombestrijding, en brengt – in navolging van grote broer Amerika - vooral onderwerpen over het mediavoetlicht, waarmee het kan inspelen op de gemiddelde doodsangst van de burger. Sinds 9/11 spreidt de Nederlandse overheid een aanmatigende en steeds verdergaande betuttelingsdrang ten toon. Zij grijpt iedere mogelijkheid aan haar onderdanen te dicteren en te controleren, en stuurt zo – naar ik liefst aan wil nemen onbedoeld - een sluipmoordenaar op de democratie af. Want in een maatschappij waar plichten meer en meer gaan heersen over het recht op zelfbeschikking en op privacy, over de vrijheid van meningsuiting en van godsdienst, ligt onverbiddelijk een dictatuur op de loer.<br />
<br />
<i>Huiswerkopdracht cursus essay, Schrijversvakschool: column die als inleiding kan dienen voor een essay. </i>
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Doe het maar lekker zelf-nieuws rond een hostie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=126&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-10-26T12:26:00+01:00</updated>
		<published>2008-08-05T09:20:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.126</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Tijdens het lezen van het artikeltje ‘Geestelijken bidden voor ontheiliging hostie’ op Trouw Meer! in de heel vroege ochtend, word ik een beetje chagrijnig. Ik word altijd wat chagrijnig als ik nieuws lees, waarbij de vraag ‘waarom’ zich pontificaal opdringt maar onbeantwoord blijft. Doe het maar lekker zelf-nieuws, noem ik dat. Het pleit dan nog een beetje voor de krant dat er wel een paar relevante webadressen voor meer achtergrondinformatie zijn vermeld. Met deze onvolledige handleiding ga ik dus maar zelf op jacht naar de rest van het verhaal. 

In het betreffende artikeltje wordt melding gemaakt van het feit dat een groep van zeshonderd rooms-katholieke priesters en diakens in Amerika vrijdag 1 augstus heeft uitgeroepen tot nationale dag van gebed en vasten. De reden daarvoor is de ontheiliging van een gewijde hostie door biologieleraar en atheïst Paul Myers. De aan de Universiteit van Minnesota verbonden Myers zou op zijn weblog hebben laten weten dat hij een hostie met een spijker heeft doorboord, en vervolgens bij het vuil heeft gegooid. Het bericht besluit met een paar quotes van voorzitter John Triglio (The Confraternity of Catholic Clergy) die met de dag van gebed en vasten wil bereiken dat „zulke beledigingen nooit meer gebeuren". Maar waarom? Waarom maakt deze Myers zich zó druk om een hostie?</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=126&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <b>Tijdens het lezen van het artikeltje ‘Geestelijken bidden voor ontheiliging hostie’ op Trouw Meer! in de heel vroege ochtend, word ik een beetje chagrijnig. Ik word altijd wat chagrijnig als ik nieuws lees, waarbij de vraag ‘waarom’ zich pontificaal opdringt maar onbeantwoord blijft. Doe het maar lekker zelf-nieuws, noem ik dat. Het pleit dan nog een beetje voor de krant dat er wel een paar relevante webadressen voor meer achtergrondinformatie zijn vermeld. Met deze onvolledige handleiding ga ik dus maar zelf op jacht naar de rest van het verhaal. </b><br />
<br />
In het betreffende artikeltje wordt melding gemaakt van het feit dat een groep van zeshonderd rooms-katholieke priesters en diakens in Amerika vrijdag 1 augstus heeft <a href="http://christiannewswire.com/news/517137313.html"  title="" target='_blank'>uitgeroepen</a> tot nationale dag van gebed en vasten. De reden daarvoor is de ontheiliging van een gewijde hostie door biologieleraar en atheïst Paul Myers. De aan de Universiteit van Minnesota verbonden Myers zou op zijn weblog hebben laten weten dat hij een hostie met een spijker heeft doorboord, en vervolgens bij het vuil heeft gegooid. Het bericht besluit met een paar quotes van voorzitter John Triglio (<a href="http://www.catholic-clergy.org/"  title="" target='_blank'>The Confraternity of Catholic Clergy</a>) die met de dag van gebed en vasten wil bereiken dat „zulke beledigingen nooit meer gebeuren". Maar waarom? Waarom maakt deze Myers zich zó druk om een hostie? <br />
<br/><br/><br/><b>Kleingeestig en dom </b><br />
Om de aanleiding van Myers actie te ontdekken, worstel ik me door het omvangrijke archief van zijn weblog <i><a href="http://scienceblogs.com/pharyngula"  title="" target='_blank'>Pharyngula</a>, evolution, development, and random biological ejaculations from a godless liberal</i>, heen. Onmiddellijk valt op dat Myers goed gelezen wordt; sommige van zijn blogs hebben meer dan 1.500 reacties. Hij schrijft dan ook veel, vaak meerdere artikelen per dag over uiteenlopende onderwerpen als de groei van slangentanden, dinosaurusbotten en dus ook over religie. Uiteindelijk vind ik het <a href="http://scienceblogs.com/pharyngula/2008/07/its_a_goddamned_cracker.php#more"  title="" target='_blank'>blog</a> <i>It’s a frackin’ cracker!</i>, gepost in de categorieën religion en stupidity op 8 juli jl. <br />
Myers heeft een nieuwsbericht gelezen over een incident binnen de rooms-katholieke Kerk, en ergert zich wild aan de onnozelheid van mensen. „Er zijn dagen dat het nieuws lezen een marteling is, omdat mensen zo verdomde dom zijn. Kleingeestig en dom. Hatelijk en dom. Gewoon ronduit dom. En niets maakt ze dommer dan religie”, aldus Myers. Ik begin deze man al te mogen. Hij windt zich trouwens ook niet voor niets op.<br />
<br />
<b>Hostie-incident 1</b><br />
Tijdens een katholieke mis op de University of Central Florida (UCF) besluit student Webster Cook zijn hostie niet direct door te slikken, maar eerst mee terug te nemen naar zijn zitplaats. Hij wil die laten zien aan een collega-student, die hem uit nieuwsgierigheid naar het rooms-katholieke geloof heeft vergezeld naar de dienst. Cook heeft na de uitreiking van de eucharistie en onderweg naar zijn kerkbank nog nauwelijks drie stappen gezet, als iemand hem bij zijn elleboog grijpt en de weg verspert. De student stopt de hostie dan maar in zijn mond, opdat hij met rust gelaten wordt. Terug op zijn plek, haalt hij het schijfje gebakken ongezuurd tarwemeel er weer uit. Een vrouwelijke kerkoudste ziet dit, confronteert de student en probeert vervolgens met fysiek geweld de hostie aan Cook te ontfutselen. Dat lukt niet, en Cook neemt de hostie uit protest dan uiteindelijk mee naar huis. <br />
Het betreffende <a href="http://www.wftv.com/news/16798008/detail.html"  title="" target='_blank'>artikel</a> op WFTV.com kopt notabene met <i>'Lichaam van Jezus Christus' gestolen uit kerk, in gijzeling gehouden door UCF student</i>. Niet voor het eerst stoor ik me aan de sensatiezucht van de media. Een goede journalistieke kop moet natuurlijk prikkelen, maar ook zeker informeren. Deze lijkt me verzonnen om op te ruien. Ik denk plotseling in sepia gekleurd filmbeeld: jaren ’50, een krantenjongen in bruine corduroy knickerbocker brult deze kop als een propagandaleus, de kranten vliegen weg. <br />
<br />
<b>Schandpaal </b><br />
In zijn humoristisch geschreven betoog legt Myers uit dat hij zich zorgen maakt over de reacties op deze gebeurtenis. Katholieken uit alle windstreken hebben woedend gereageerd, en de student heeft zelfs doodsbedreigingen gekregen. Hier stop ik met lezen. Ik neem mijn koffie mee naar het balkon om een en ander op me in te laten werken. Ik weiger zo’n snelle nieuwssnacker te worden, die grote en absurdistisch feiten klakkeloos als de orde van de moderne dag tot zich neemt. Die katholieken toch! Wat zegt het eigenlijk over dit geloof, wanneer iets dat ik hooguit kan bestempelen als een onbezonnen kwajongensstreek, reden is iemand naar het leven te staan? Ik breek een takje lavendel af en snuif de kalmerende geurexplosie op. <br />
Is het een teken van onzekerheid? Zelf zou ik beslist erg onzeker worden over mijn geloof wanneer ik tot een kerk behoorde, waarvan gezaghebbenden wereldwijd en op allerlei niveaus in verband worden gebracht met pedofilie. Het moet wel erg confronterend en verontrustend zijn, jouw kerk en plein public steeds opnieuw het boetekleed aan te zien trekken voor het begaan van walgelijke, levensverwoestende misdaden jegens kinderen. Is het genoeg om brave gelovigen te radicaliseren? <br />
Ik lees verder. Myers haalt Susan Fani, woordvoerster namens het locale diocees aan. Zij stelt dat hoewel „niet 100% duidelijk is wat het motief van Webster Cook was, dat wanneer de kerk iets als een <i>hate crime</i> zou moeten kwalificeren, dit het kan zijn.” Die uitspraak schiet de biologieleraar in het verkeerde keelgat: „Stop, wat? Een stukje brood gijzelen is nu een <i>hate crime</i>? De moord op Matthew Shephard was een <i>hate crime</i>. De moord op James Byrd Jr. was een <i>hate crime</i>. Dit is een vervloekte cracker. Is het mogelijk het geweld tegen echte mensen nog verder te devalueren?” <br />
De enormiteit van de uitspraak van Fani doet inderdaad grotesk aan. „Van dader naar slachtoffer”, schiet er door me heen. Kan dit een bizarre publiciteitscampagne zijn? Zit hier een gedachte achter in de trant van „als we maar hard genoeg schreeuwen en op fouten van anderen wijzen, dan loopt het minder in het oog wat wij zelf allemaal verkeerd doen?” En moet je deze beschuldiging eigenlijk niet omkeren? Is in werkelijkheid dit publiekelijk aan de schandpaal nagelen van deze - met naam en toenaam genoemde – jonge student, niet hetgeen dat haat zaait? <br />
<br />
<b>Fabeltjeskrant</b><br />
In het nauw gedreven door wat mijn agenda dicteert, neem ik die overweging maar mee op mijn wandeling naar het centrum van de stad. Ik heb een beetje de pee in omdat ik mijn schrijflust moet onderbreken. Maar dat is niets vergeleken met mijn ergernis van de volgende ochtend, wanneer ik ontdek dat de redactie van Trouw Meer! het oorspronkelijke (slordige en incomplete) bericht heeft bijgewerkt tot een heel ander <a href="http://meer.trouw.nl/nieuws-en-debat/geestelijken-bidden-voor-ontheiliging-hostie"  title="" target='_blank'>nieuwsartikel</a>.<br />
 „Het lijkt potverjandriedubbeltjesenwatlossecenten de Fabeltjeskrant wel”, vloek ik. „En zo, lieve beeldbuiskindertjes, ging de journalistiek langzaam dood. Vanaf die dag hoefde het nieuws nooit meer te kloppen, volledig of zelfs maar waar te zijn. Want thans konden alle artikelen steeds maar worden bijgewerkt en veranderd. De redacties juichten. Nu konden ze eindelijk weer primeurs scoren. Na al die jaren zoeken, was het de krant dan toch gelukt die lastige ‘burgerjournalisten’ op het internet te slim af te zijn, en het medium ten langen leste naar zijn hand te zetten. Nu zouden de verkoopcijfers vast en zeker snel weer stijgen. De krantenjongens vierden feest. Maar ze waren zo verblind door hun vreugde, dat ze helemaal niet zagen dat ondertussen de journalistiek op sterven lag.” Het cartooneske stemmetje van Meneer de Uil snerpt maar door, ook als ik terug ga naar het intrigerende weblog van Paul Myers om verder te lezen. <br />
<br />
<b>Hostieguards </b><br />
De biologieleraar haalt nog wat mensen aan. Pater Migeul Gonzalez is degene die het incident met een kidnapping vergelijkt en stelt dat misbruik van de eucharistie binnen de rooms-katholieke Kerk de ergste doodzonde is. Maar hij roept gelukkig op tot bidden, niet tot 'oog om oog, tand om tand'. Dat doet Bill Donohue, de voorzitter van de <a href="http://www.catholicleague.org/release.php?id=1458"  title="" target='_blank'>Catholic League</a> wel. Hij dringt erop aan dat de universiteit snel en adequaat zorgt dat het recht - met een schorsing voor Cook - zijn beloop krijgt. Dat doet de universiteit (nog?) niet. Wel zet die bewapende politie in tijdens de kerkdiensten. Hostieguards dus, die een respectvolle behandeling van ‘het lichaam van Jezus Christus’ desnoods met een nekschot af kunnen dwingen. Hoeveel gekker kan het in naam van een geloof nog worden? <br />
Myers wraakt de „gestoorde christelijke fanatici in eigen land, die hebben gedreigd een jongen te vermoorden vanwege een crackertje”. De bedreigde student heeft dan uit angst dat zijn leven werkelijk gevaar loopt, de hostie al teruggebracht. Maar daarmee is de kous niet af. Als Fox News in een <a href="http://www.myfoxorlando.com/myfox/pages/Home/Detail;jsessionid=42772C8D49260EFC76C1D04F2E4E8D72?contentId=6932236&version=5&locale=EN-US&layoutCode=TSTY&pageId=1.1.1&sflg=1"  title="" target='_blank'>artikel</a> volgens Myers een verkapte oproep doet aan individuen en groepen, om een formele klacht in te dienen tegen de student zodat er een hoorzitting over de kwestie plaats kan vinden, is de heksenjacht compleet, en de maat voor Paul Myers meer dan vol. <br />
<br />
<b>Radicaal katholicisme </b><br />
Myers doorboort een hostie met een spijker, scheurt wat pagina’s uit de Koran, gooit daar een bananenschil en koffiedik bovenop, maakt een foto en publiceert die in zijn tweede <a href="http://scienceblogs.com/pharyngula/2008/07/the_great_desecration.php"  title="" target='_blank'>blog</a> <i>The Great Desecration</i>. Zijn methode om aandacht voor deze kwestie te vragen, is misschien niet subtiel, hij is wel erg effectief. De biologieleraar ontvangt duizenden reacties en brieven, waaronder naast steunbetuigingen ook veel scheldbrieven en doodsbedreigingen van boze katholieken, haalt de internationale pers en zijn heiligschennis scoort honderden hits in zoekmachine Google. <br />
Zijn tactiek doet me denken aan een scene uit<i> De gevangene van Azkaban</i>. Tijdens het vak verweer tegen de zwarte kunsten moeten Harry Potter en consorten het opnemen tegen de boeman, een demon die zich materialiseert in een uitvergrote vorm waarin iemands diepste angsten te uitdrukking komen. Om hem te verslaan, moeten ze hem bespottelijk maken en uitlachen. Van die strategie bedient ook Myers zich in zijn repliek tegen wat we misschien wel het radicale katholicisme moeten gaan noemen? <br />
Hij ridiculiseert zowel de extreme en agressieve reacties op de studentenstreek als het buitenproportioneel verheerlijken van religieuze symbolen. En roept zijn lezers op hem te volgen in een intellectuele strijd tegen „oude, oneerlijke instellingen met verhard dogma’s” en daarvoor hoon, spot en scepticisme als - relativerende en normaliserende - wapens in te zetten. Ik denk dat ik die Myers wel mag. <br />
<br />
Onzeker<br />
Achterovergeleund in mijn oude oorfauteuil, probeer ik grip op mijn gedachten te krijgen. Wat zegt het over het rooms-katholieke geloof wanneer het de ruimte biedt om aan een flinterdun schijfje ouwel meer waarde toe te kennen dan aan een mensenleven? Hebben we hier te maken met een religie die zoveel scheuren vertoont, dat de volgelingen niets meer rest dan zich als drenkelingen aan een omgeslagen reddingsboot vast te klampen, en de haaien van zich af te trappen? En al die individuele katholieken dan, die zich door de berichtgeving in de media en hun kerkelijk genootschappen aangemoedigd voelen zo gevaarlijk explosief te reageren, hoe zit het daarmee? Achter mijn gesloten ogen stuit ik alleen maar op meer vragen, en kom telkens opnieuw uit bij de al eerder genoemde onzekerheid. <br />
Want, als iemand er zeker van is, dat zijn levensbeschouwelijke opvattingen de juiste zijn; hoe kan het dan dat de opinie en het gedrag van anderen, degene zo diep treffen? Dusdanig zwaar grieven dat het gerechtvaardigd lijkt daar extreme sancties aan te verbinden? Zegt een katholiek die boos wordt over de hostie-incidenten, zegt de katholiek die daarom een scheldbrief of een doodsbedreiging stuurt, niet eigenlijk: ik ben verschrikkelijk onzeker over mijn geloof? Zou iemand voor wie het onomstotelijk vast staat dan zijn geloofsovertuiging je ware is, niet grootmoedig zijn schouders ophalen en de domme student en ongelovige biologieleraar beklagen? Zou iemand die een waarachtige godsliefde koestert, zich niet hoeden voor dergelijk lawaaiig uiterlijk vertoon, en zich in plaats daarvan kalm en zelfverzekerd tot zijn God wenden om voor het zielenheil van zijn ongelovige medemens te bidden? En waarom, waarom toch komt de som van geloofsuitingen altijd weer uit op geweld, macht en misdaad? Is de God van deze katholieken misschien stiekem <i>the devil in disguise</i>?
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Zielseigenen: geen vrijkaartje voor het Hof van Eden?</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=125&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-10-26T12:26:00+01:00</updated>
		<published>2008-07-15T03:40:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.125</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Dacht ik na de breuk met de eerste man die zich als een grote liefde kwalificeerde nog naïef, dat mijn leven voorbij was omdat er maar één zielsgeliefde rondloopt, ondertussen weet ik beter. Want vier jaar later ontmoette en verloor ik mijn tweede grootse liefde. „Als het twee keer kan, waarom dan niet veel vaker”, bedacht ik in mijn rouwperiode en begon aan een overmoedige zoektocht naar de essentie van de liefde. 

Plato droeg in Symposion de term tweelingziel aan. Hij veronderstelde dat de mens oorspronkelijk uit twee helften bestond die gescheiden werden bij het staartbotje, en zo gedoemd tot een levenslange speurtocht naar het ontbrekende deel. „En wanneer een van hen zijn andere helft zal ontmoeten, de werkelijke helft van zichzelf, is het paar verloren in een verbazing van liefde en vriendschap en intimiteit en men zal niet meer uit elkaars zicht verdwijnen, zelfs niet voor een moment.” Hoewel zijn woorden de majestueuze gevoelens die zielsgeliefden voor elkaar hebben prachtig beschrijft, impliceren ze ook dat er maar één mens rondhuppelt, die de ander kan vervolmaken. Ik ontmoette het afgelopen decennium meerdere mannen die aan deze omschrijving voldoen. Maar op hen is de term tweelingziel noch het begrip zielsverwant - die beiden eerder op de platonische liefde dan op de erotische liefde betrekking hebben - van toepassing. Dus besloot ik ze zielseigenen - deel van de eigen ziel - te noemen.
Met de zielseigenen delen we collectieve herinneringen aan belevenissen en gebeurtenissen uit parallel lopende of zelfs identieke levens en liefdes. Misschien komen we voort uit dezelfde energetische bron. Misschien vormt iedere ziel tijdens zijn reïncarnaties voortdurend afsplitsingen van zichzelf naar mate hij verder reist en groeit op zijn pad, zoals de Braziliaanse auteur Paulo Coelho in Brida beweert - en daarmee en passant een heel eigen interpretatie van de evolutietheorie geeft. Maar waar ze hun oorsprong ook vinden; mijn ervaringen met zielseigenen zijn zo overtuigend dat ik aan hun bestaan niet meer twijfel.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=125&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <b>Dacht ik na de breuk met de eerste man die zich als een grote liefde kwalificeerde nog naïef, dat mijn leven voorbij was omdat er maar één zielsgeliefde rondloopt, ondertussen weet ik beter. Want vier jaar later ontmoette en verloor ik mijn tweede grootse liefde. „Als het twee keer kan, waarom dan niet veel vaker”, bedacht ik in mijn rouwperiode en begon aan een overmoedige zoektocht naar de essentie van de liefde. </b><br />
<!-- error: could not display image lucht.jpg. File does not exist --><br />
Plato droeg in Symposion de term tweelingziel aan. Hij veronderstelde dat de mens oorspronkelijk uit twee helften bestond die gescheiden werden bij het staartbotje, en zo gedoemd tot een levenslange speurtocht naar het ontbrekende deel. <i>„En wanneer een van hen zijn andere helft zal ontmoeten, de werkelijke helft van zichzelf, is het paar verloren in een verbazing van liefde en vriendschap en intimiteit en men zal niet meer uit elkaars zicht verdwijnen, zelfs niet voor een moment.” </i>Hoewel zijn woorden de majestueuze gevoelens die zielsgeliefden voor elkaar hebben prachtig beschrijft, impliceren ze ook dat er maar één mens rondhuppelt, die de ander kan vervolmaken. Ik ontmoette het afgelopen decennium meerdere mannen die aan deze omschrijving voldoen. Maar op hen is de term tweelingziel noch het begrip zielsverwant - die beiden eerder op de platonische liefde dan op de erotische liefde betrekking hebben - van toepassing. Dus besloot ik ze zielseigenen - deel van de eigen ziel - te noemen.<br />
Met de zielseigenen delen we collectieve herinneringen aan belevenissen en gebeurtenissen uit parallel lopende of zelfs identieke levens en liefdes. Misschien komen we voort uit dezelfde energetische bron. Misschien vormt iedere ziel tijdens zijn reïncarnaties voortdurend afsplitsingen van zichzelf naar mate hij verder reist en groeit op zijn pad, zoals de Braziliaanse auteur Paulo Coelho in <i>Brida</i> beweert - en daarmee en passant een heel eigen interpretatie van de evolutietheorie geeft. Maar waar ze hun oorsprong ook vinden; mijn ervaringen met zielseigenen zijn zo overtuigend dat ik aan hun bestaan niet meer twijfel.<br/><br/><b>Onlosmakelijke band</b><br />
Een tijd lang heb ik zielseigenen en de mensen die me een spiegel voorhouden over dezelfde kam geschoren. Tot ik ontdekte dat iedereen het vermogen heeft een ander te spiegelen, en omgekeerd. De controle daarover berust bij het onbewuste dat probeert zich te verwerkelijken. Afhankelijk van de situatie en levensvraag, zoekt het psychische mechanisme simpelweg een geschikte kandidaat uit beschikbare groep mensen rond ons. Dergelijke reflectie kan óók een schok van herkenning te weeg brengen, en leiden tot hechte verbondenheid of zelfs tot de vergaande afhankelijkheid, die we zo graag liefde noemen. Toch benadert het in de verste verte niet de intieme en onlosmakelijke band tussen zielseigenen. <br />
Het heeft me vaak verbaasd en gekwetst hoe glazig gesprekspartners begonnen te kijken als ik ze over mijn belevenissen in de liefde vertelde. Zij herkenden weinig tot niets in mijn beschrijvingen, vonden die meestal overdreven romantisch en onrealistisch. Ik op mijn beurt kon niets met hun vrij zakelijke benadering van relaties, die meer op economische, sociale en maatschappelijke afwegingen leek te leunen dan op diepe, waarachtige gevoelens. In de periode dat ik met de architect samen was, mijn eerste min of meer bewuste ervaring met een zielseigene, waarschuwde mijn omgeving me voortdurend dat hij niet bij me paste. Hij was veel te oud voor mij. Hij had me niets te bieden want hij woonde in de Amsterdamse Bijlmer, had op dat moment geen echte baan, beunde bij in nogal spraakmakende clubs in de undergroundscène en was verwikkeld in een ellendige scheiding. Ze hadden het over de man die me met een constante en onbeschrijflijk vreugdevolle ontroering vervulde, alleen maar omdat hij bestond. En al paste hij op papier niet bij mij, vanaf het moment dat ik in zijn ogen keek, telde maar één ding: hij hoorde bij mij. Hij had dat altijd gedaan en zou dat altijd blijven doen, ongeacht wat dan ook.<br />
<br />
<b>Déjà senti </b><br />
Een ontmoeting met een zielseigene begint altijd met een déjà senti; een heel zeker voelweten dat ik de ander ken, hoewel hij nergens in dit leven is te plaatsen. Aan Mars, mijn overleden lief, heb ik eens wanhopig geschreven: „Hoe vertel ik iemand dat ik je kende vanaf de eerste kus die we wisselden? Niet omdat ik alle details en feitjes van je leven wist. Die heb ik nooit geweten. We waren onszelf en we waren elkaar. Ik kende na een paar kussen je boosheid, je pijn, je angsten, je liefde, je zorgen, je verlegenheid, je grilligheid, je nukkigheid, je dromen. En je was allesbehalve alleen maar lief. Maar ik had je lief. En jij had het mij. Ik geloof niet in onvoorwaardelijke liefde. Toch is dat het woord dat bij me opkomt als ik aan ons denk. We konden ruzie maken en heel erg boos op elkaar zijn maar dat veranderde niets tussen ons. Jij mocht woest zijn. Ik mocht woest zijn. Jij mocht janken. Ik mocht janken. Je was niet bang voor mijn demonen en ik niet voor de jouwe. En dus bevochten we die van elkaar. Voor elkaar. Dat mis ik het meest van alles. Hoe gek ik ook deed, je bleef me lief vinden. Het maakte niet uit of we samen waren; je was er. Ik was er. Nu nog word ik het meest verdrietig als ik terugdenk aan het gesprek dat we daarover hadden. Hoe je letterlijk hebt gezegd dat alleen de dood dat zou kunnen veranderen. Ik wist dat het waar was. Niet dat het zo afschuwelijk snel waar zou worden.” Die passage bevat in al zijn onbeholpen verdriet, de kern van waar het bij zielseigenen omdraait. De energetische connectie tussen de twee manifesteert zich acuut, is onverklaarbaar krachtig en overschrijdt de grenzen van de aardse realiteit. Maar al is een dergelijke verbintenis dan in de prozaïsche hemel gesmeed, het is allesbehalve een vrijkaartje voor het Hof van Eden. <br />
<br />
<b>Niet verliefd</b><br />
Zielseigenen die elkaar ontmoeten, slaan verliefdheid over. De band tussen de twee is vaak vele reïncarnaties oud en zo sterk, dat er geen biologische reactie nodig is ze samen te brengen. Ze worden overvallen door onbenoembare, grote liefde, die wonderwel ook alle onhebbelijkheden, tekortkomingen en onwenselijke gedragingen insluit. De ander beantwoordt dikwijls in geen enkel opzicht aan het, van kind af aan ontwikkelde en door ervaringen verder ingekleurde ideaalbeeld, maar dat doet bij een wederzijdse herkenning nauwelijks ter zake. Hun energetische wezens zijn astraal verbonden en zo op elkaar afgestemd, dat ze (meestal onbewust) voortdurend intappen op de emotionele belevingswereld van de ander. Ze kunnen diens stemmingen en gevoelens niet alleen  moeiteloos aanvoelen, maar nemen die vaak ook over waarna ze, ten goede of ten kwade, versterkt weer uitgezonden worden. Zielseigenen ‘weten’ om de haverklap dingen van en over elkaar, die ze niet feitelijk hebben vernomen maar oppikken met hun zend- en ontvangstsysteem. Deze krachtige non-verbale zielstaal is versmolten met de erotische aantrekkingskracht tussen zielseigenen. Het ene intensiveert het andere tot een voortdurende  verdieping van de toch al immense en indrukwekkende gevoelens.  <br />
Veel zielseigenen hebben dan ook het idee halverwege een al lang bestaande relatie in te stappen, en gedragen zich daar meestal naar. Ze herkennen zoveel in elkaar, dat ze het traject van kennismaken en aftasten grotendeels overslaan. En vergeten in hun euforische samenzijn dat zij – veel meer nog dan een ‘gewoon’ liefdeskoppel – elkaar moeten leren kennen in dit lichaam en leven. Zonder die noodzakelijke basis is er nauwelijks hoop dat ze succesvol leren navigeren tussen wat de ‘alledaagse’ werkelijkheid van hen vraagt en alles wat de astrale verbintenis te bieden heeft. <br />
<br />
<b>Adventure game</b><br />
Als ik terugkijk op het eerste deel van mijn queeste, dan herinnert die me aan Ultima Online, een adventure roleplaying game dat ik eind jaren ’90 graag speelde. Zoals mijn hekserige avatar toen in donkere kerkers met enge monsters vocht, het soms won en vaak verloor, zo knok ik nu geregeld een robbertje met mijn angst voor het onbekende. En net als toen, heb ik alleen houvast aan mijn eigen bevindingen, en moet ik vertrouwen op mijn voortdurend groeiende kracht en zelflerend vermogen om stapje voor stapje dit pad verder te bewandelen. Want hoewel ik soms vergelijkbare ervaringen van anderen op het internet tegenkom, nu en dan zelfs iemand tref wiens lotgevallen overeenkomen met de mijne, ken ik nog geen enkele liefdesgeschiedenis tussen zielseigenen met een klassiek happy end.<br />
Toch verontrust me dat niet. Nu het besef is doorgedrongen, dat er niet maar één mens werkelijk bij mij hoort, maar dat er een onbepaald aantal zielseigenen zijn, is de vrees dat ik mijn kans op geluk voorgoed verspeel als ik fouten maak, verdwenen. Bovendien weet ik dat de ontzaglijke verwondering over de grootse gevoelens die zielseigenen voor elkaar ervaren, een geweldige motivatie kan zijn het samen wél te rooien. En dat een langdurige en harmonieuze relatie dus ook, zo niet juist voor hen is weggelegd. Ik ben gaan begrijpen dat het menselijk vermogen tot intens liefhebben alleen wordt ingekaderd door hetgeen waarin we onszelf niet toestaan te geloven. Maar het is precies zoals mijn wijze, grijze en milde architect me tien jaar geleden al liefdevol voorhield: alles wat je voelt, is echt…<br />
<br />
Zie ook: <a href="http://www.zielseigenen.nl"  title="" target='_blank'><u>www.zielseigenen.nl</u></a>
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
	<entry>
		<title>Liefde als meervoudsvorm</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=122&amp;w=gigi" />
		<updated>2009-10-26T12:26:00+01:00</updated>
		<published>2008-07-07T00:55:00+01:00</published>
		<id>tag:cultuurstudio,2010:Giegels.122</id>
		<link rel="related" type="text/html" href=""  />
		<summary type="text">Het daglicht kleurt de lucht langzaam in. Ik wandel een gracht af, sla dan ineens linksaf, waar ik rechts zou moeten gaan. Het komt door de man die me probeerde te zoenen, dat ik nu de verkeerde kant op loop. De nachtzoen zag ik aankomen maar van de mond die ineens op mijn lippen bleef plakken, schrok ik me wild. Snel trok ik mijn hoofd terug. „Met mij moet je het rustig aan doen”, wees ik hem geruststellend maar oneerlijk terecht op zijn onlangs gestarte versierpogingen. „Wat moedig”, dacht ik erbij en verlangde intens naar het eiland. 

Het eiland waar ik zoveel wilde schrijven, zoveel wilde doen, maar waar ik uiteindelijk mijn meeste dagen in dromerige ledigheid heb doorgebracht. Zo los, zo vrij. Zo helemaal op mijn gemak en gelukkig met alleen maar ik. Nu ik weet wie ik ben, slenter ik gelukzalig door mijn leven. Iedere dag begint op het nulpunt van het bestaan. Waar alles begint, eindigt en opnieuw begint.  

Appel
Het gebeurde ergens halverwege mijn vakantie. Ik deed boodschappen in de supermarkt in Midsland. Bij de versafdeling nam ik een hap van een appel om te bepalen of ik er eentje of een hele kilo zou kopen, en plotseling was alle twijfel verdwenen. Natuurlijk hoort hij bij mij. De filosoof hoort net zo bij mij als woestaantrekkelijke man of de piraat. Dat is geen projectie, geen geforceerd en obsessief ingekleurd concept van mijn psyche. Het is liefde, en dat is het altijd geweest. Ik houd van de filosoof. En van Woest. En van de piraat. Ze horen bij mij omdat we ooit, en ik weet niet hoe, en dat doet er ook niet toe, uit dezelfde energetische materie zijn voortgekomen. Bij de kassa laat ik het klokhuis zien en reken een appel af. De caissière lacht hartelijk, maar ik denk dat ze me stiekem getikt vindt. Ik maal er niet om. Ik hoef niets meer te bewijzen. Ik hoef alleen nog maar te zijn.</summary>
        <content type="html" xml:lang="nl" xml:base="http://www.cultuurstudio.nl/pivot/entry.php?id=122&amp;w=gigi"><![CDATA[
                <b>Het daglicht kleurt de lucht langzaam in. Ik wandel een gracht af, sla dan ineens linksaf, waar ik rechts zou moeten gaan. Het komt door de man die me probeerde te zoenen, dat ik nu de verkeerde kant op loop. De nachtzoen zag ik aankomen maar van de mond die ineens op mijn lippen bleef plakken, schrok ik me wild. Snel trok ik mijn hoofd terug. „Met mij moet je het rustig aan doen”, wees ik hem geruststellend maar oneerlijk terecht op zijn onlangs gestarte versierpogingen. „Wat moedig”, dacht ik erbij en verlangde intens naar het eiland. </b><br />
<br />
Het eiland waar ik zoveel wilde schrijven, zoveel wilde doen, maar waar ik uiteindelijk mijn meeste dagen in dromerige ledigheid heb doorgebracht. Zo los, zo vrij. Zo helemaal op mijn gemak en gelukkig met alleen maar ik. Nu ik weet wie ik ben, slenter ik gelukzalig door mijn leven. Iedere dag begint op het nulpunt van het bestaan. Waar alles begint, eindigt en opnieuw begint.  <br />
<br />
<b>Appel</b><br />
Het gebeurde ergens halverwege mijn vakantie. Ik deed boodschappen in de supermarkt in Midsland. Bij de versafdeling nam ik een hap van een appel om te bepalen of ik er eentje of een hele kilo zou kopen, en plotseling was alle twijfel verdwenen. Natuurlijk hoort hij bij mij. De filosoof hoort net zo bij mij als woestaantrekkelijke man of de piraat. Dat is geen projectie, geen geforceerd en obsessief ingekleurd concept van mijn psyche. Het is liefde, en dat is het altijd geweest. Ik houd van de filosoof. En van Woest. En van de piraat. Ze horen bij mij omdat we ooit, en ik weet niet hoe, en dat doet er ook niet toe, uit dezelfde energetische materie zijn voortgekomen. Bij de kassa laat ik het klokhuis zien en reken een appel af. De caissière lacht hartelijk, maar ik denk dat ze me stiekem getikt vindt. Ik maal er niet om. Ik hoef niets meer te bewijzen. Ik hoef alleen nog maar te zijn.<br/><br/><b>Moed</b><br />
Ik negeer de junks die ik onderweg naar de Nieuwmarkt tegenkom. Ik ben duidelijk op een missie. Ik ga het hem vertellen. Dat was ik niet van plan maar nu mijn voeten als uit zichzelf de weg naar hem zoeken, laat ik het maar gebeuren. De mislukte kus heeft me gealarmeerd. Ik zag de kwetsbaarheid in die donkere ogen. Hoe hij urenlang mijn reacties op zijn glimlachjes en onze korte gesprekjes had gepeild, daaruit stukje bij beetje voldoende lef bijeensprokkelde. Het was nu of nooit voor hem. Misschien daardoor nu ook voor mij. Al heb ik geen moed meer nodig om naar de filosoof te gaan. Ik ben niet langer bang tegenover hem te staan en hem te vertellen wat ik voel. Hij kan me niet afwijzen nu er niets meer is dat ik wil, nodig heb of verwacht. <br />
<br />
<b>Piraat</b><br />
De zee kietelt mijn voeten. De zon is heet, schetst me in zigeunerbruin. De wind brengt me flarden van het rumoer van het Groene Strand. Nu en dan spiegel ik mezelf in de cameralens van mijn mobiele telefoon en constateer tevreden dat mijn mondhoeken weer omhoog zijn gaan groeien; ze maken dat ik er net zo zacht en benaderbaar uitzie als ik me voel. Ik vraag me af hoeveel het er zijn. Hoeveel mensen bij mij horen. Ben ik uit hen voortgekomen of zij uit mij? Ik probeer een kommetje te maken van mijn voeten en zeewater te scheppen. Ik ken er nu vier. Vijf als ik mijn dode Mars meereken. Ze zijn allemaal anders. Qua uiterlijk maar vooral qua karakter, gewoonten, gedrag. Ze lijken niet op elkaar. En toch heb ik ze in de loop der jaren vrijwel onmiddellijk herkend. Hoe eigenlijk? De lichtende stip waar Coehlo het in zijn laatste roman over heeft, heb ik nooit gezien. Maar wat dan wel? <br />
De piraat heb ik zelfs nog niet ontmoet. Ik ken alleen zijn foto. Hij is mijn vent, daar bestaat geen twijfel over. Ik weet hoe hij lacht, hoe hij praat, hoe hij zich soms een beetje schaamt voor het accent waar ik zo dol op ben. Ik weet welke grapjes hij maakt, hoe hij me schatje en liefje in langgerekte tonen zal noemen. Ik weet hoe hij kust, ruikt en beweegt. Ik weet hoe zijn lichaam voelt, en hoe intens we vrijen. Ik vertel nog aan niemand dat hij bij mij hoort. Ze ontdekken het nog wel. De wereld is niet klaar voor dit soort weten. <br />
<br />
<b>Liefdesverklaring</b><br />
Voor het huis van de filosoof blijf ik staan. Ik heb mijn ochtendwandeling afgemaakt als was het een bedevaart. Op de Dam heb ik al besloten, dat ik het niet ga doen. Ik ga hem niet wakker maken, hem niet onverwacht confronteren en uit zijn comfortabele veiligheidszone shockeren. Hij zou niet begrijpen waarom ik hier sta met niets dan de boodschap dat ik van hem houd en me daarna weer omdraai en naar huis ga. Mijn al weken durende, zachte jubelende blijdschap dat ik zoveel voor hem voel en helemaal niets van hem nodig heb, zal hem in eerste instantie eerder boos dan verheugd stemmen. <br />
Ik steek over en ga op een dikke, bruine fietspaal aan het grachtje zitten. De zon is nu helemaal opgekomen, glinstert nog wat breekbaar in het water. Het huis aan de overkant is leeg, bedenk ik. Het voelt niet alsof hij daar ligt te slapen. Het doet er niet toe. Voor het eerst in al die jaren ben ik hier om de juiste reden, klopt het dat ik hier zit. Toch wik en weeg ik. Hoe belangrijk is het dat hij het weet? En voor wie? Ik gniffel om mezelf. Zie mij hier nu een gewetenszaak maken van een liefdesverklaring. Natuurlijk moet hij het weten. Juist hij. Ik verstuur een smsje, bestel dan een taxi op zijn adres. We komen elkaar wel weer tegen, en als hij het dan wil horen, zal ik het hem zeggen. Zoals ik het aan mijn woestaantrekkelijke man vertel. En straks aan mijn piraat.
		]]></content>
		<author>
			<name>Administrator</name>
		</author>
	</entry>
	
	
	
</feed>

